Op bezoek in ‘Eritrea’

Op bezoek in ‘Eritrea’

 

enjeraIk sta op van de bank. Een paar jongens schieten in de actie. Snel pakken ze hun eigen eten in. ‘Yab. Alleen in huis is moeilijk toch? Hier heb je eten. Neem maar mee!’

Tijdens het sporten hadden we al wat meer contact. Of ik een keer wilde komen eten. Dat wil ik zeker! In een mannenkamer word ik hartelijk ontvangen. Er is lokaal eten, maar ook muziek uit oost-Afrika. ‘welkom in Eritrea Yab!’, krijg ik gelijk te horen. Het voelt ook alsof ik even in een ander land ben. En Yab lijkt wel op Jaap, dus voel ik me aangesproken.

Ik geniet van de enjera, een soort hartige pannenkoek waarmee je je eten vastpakt en opeet. We eten uitgebreid en de jongens hadden speciaal gewacht met eten op mij. Later kwam ik erachter dat dit wel wat van hen vroeg. Het duurde nog ruim 2 uur voordat het 6 uur zou zijn, mijn etenstijd. Maarjah, tijd is in elke cultuur anders. Zo ook het tijdstip waarop je eet.

Ik pak een stukje enjera en probeer er wat groente met saus ermee richting mijn mond te krijgen. Ondertussen praten we over het regime in Eritrea, maar ook over Nederland. ‘Jaap, hoe komen Nederlanders aan geld? Weinig mensen hebben een winkel!’. De vraag zegt alles over hun cultuur en we vinden het beiden interessant om dit naast elkaar te leggen.

Het is me gelukt om de paprika te pakken met de enjera, of zou het trouwens peper zijn? Ik stop het bijna in mn mond. Tegelijkertijd krijg ik de vraag ‘Ben je eigenlijk ook aan het vasten?’. Ik schiet in de lach.

enjera 1Vasten is voor mij een periode niet eten. De enjera is zonder knoeien in mijn mond beland. Al snel wordt het me duidelijk dat ze geen vlees, ei en andere dierlijke producten eten in een lange periode voor Pasen. Ze vasten dus.

Ik maak aanstalte om naar huis te gaan. Iedereen komt in beweging. ‘Als jij hebt vrije tijden, komen altijd!’, is de opmerking die in het Nederlands klinkt. In een nieuwe vuilniszak gewikkelde enjera wordt in mijn hand gedrukt. Ik loop met een glimlach weer naar mijn auto. Voor wie zal ik morgen gaan koken? Dit is wel genoeg voor 5 mensen..

Huisbezoek

Huisbezoek

Ik krijg de vraag nog wel eens. ‘mag ik bij jou thuis kijken?’. Als je uit een totaal andere cultuur komt, dan is het logisch dat je nieuwsgierig bent daarnaar. Toen ik in Zambia een jaar woonde, wilde ik ook graag weten hoe die mensen nu sliepen.

Veel vluchtelingen zijn wantrouwend als ze Nederland binnen komen. Als je uit een warm land komt, dan leven de mensen voornamelijk op straat. Enkel voor het slapen gaan ze naar binnen. In Nederland zijn de straten vaak leeg, gordijnen dicht en weinig lampen aan. ‘Ik dacht de eerste keer dat ik in een spookstad was!’, legt een Afghaan mij uit. ‘Altijd zijn de mensen binnen’.2015-02-28 11.45.57

Ik nodig wel eens mensen bij mij uit. Gastvrijheid. Dát kunnen wij leren van de warme culturen. Een afrikaan moest erg lachen toen hij wel veel dingen bij mij herkende. ‘Dit is bezem in Afrika toch?’ en ‘ik heb ook auto voor spelen, in mijn land’. We zijn wel erg verschillend opgegroeid, kom je dan achter.

Iemand bleef een keer bij mij slapen, hij mocht zelf drinken pakken uit de koelkast. Melk was favoriet, duidelijk. Maar hoe maak je zo’n pak open? Nederlanders schenken toch altijd? Op de foto zie je zijn oplossing. En ja, het werkt. Dus waarom ook niet?

Nodig gerust eens een vluchteling uit. Of een vreemde.

Gastvrijheid is mooi, je krijgt er iets voor terug.

Beloofd.

Jap, jij kom fandag?

Jap, jij kom fandag?

Als ik het scherm van mijn laptop openklap, komt er gelijk een melding. Ik herken het meteen. Facebook. Het berichtje komt van Abdul, een jongen uit Syrië. “Jap, jij kom fandag?”. De jongensclub is maar een keer per maand. Hij vindt het veel te weinig, ik eigenlijk ook. “wat sport wij doen folgende kirr?”

De jongens genieten als het weer zover is. Als ik op vrijdagavond op het AZC loop, vragen ze allemaal of ze mee mogen. Ze kennen de leeftijdsgrens, dus iedereen is ouder dan 12. Ook als ze niet groter dan 1 meter zijn. Want vervelen is vervelend! Het zou toch geweldig zijn om met die grote jongens mee te mogen..

Als we de jongens meenemen naar de gymzaal, vertellen ze vanalles. Over school, dat Nederlands een lastige taal is. Of dat hun oma bij hun op de kamer is komen wonen. Soms delen ze iets over wat ze hebben meegemaakt of wat ze lastig vinden. Het sporten zorgt ervoor dat ze even uit hun lastige situatie komen op het asielzoekerscentrum. Ze zijn dankbaar dat we luisteren en er even voor hen zijn.

Toch ook wel vreemd. “Waarom doen jullie dit eigenlijk voor ons?”, was een vraag die direct gevolgd werd door en andere “hoeveel geld verdienen jullie hiermee?”. Ze hebben mn autootje al wel gezien en snappen heus wel dat die niet veel gekost heeft. Dan is er een gouden momentje waarbij ik uit kan leggen dat God me zoveel gegeven heeft, dat ik door mag geven.

Aan het einde komt Abdul weer naar me toe. “Jap, dank je wel man! Folgende week jij bent hier?”